1e jaargang, nr. 19, pagina 11
1e jaargang, nr. 19, pagina 12
1e jaargang, nr. 19, pagina 13

cover / inleiding inhoudsopgave

“Schuilconcert”

De macht der muziek
Tijdens een van de groote Britsche luchtaanvallen op de Rijkshoofdstad verscheen in een der schuilkelders een man die bij zijn bagage ook een vioolkist droeg. Men herkende in hem den wereldberoemden (?) violist . Op verzoek en zonder te aarzelen speelde Borrius, terwijl links en rechts de bommen vielen en de luchtdoelartillerie een razend vuur opende, voor zijn lotgenooten in den kelder een vioolconcert. De kunstenaar boeide zijn toehoorders zoo met zijn spel, dat zij op de dreigende gevaren nog nauwelijks acht sloegen en ’t gedreun van den slag daarbuiten niet meer hoorden. – 13/12

In Deutschland draagt men heroïek
Ieder terreuraanval.
Men kan haast zeggen, het publiek
Ziet hem als Carneval.

Men draagt hem vroolijk, draagt hem blij
En in gezelligheid
En is de luchtaanval voorbij,
Heeft menigeen wel spijt.

U denkt misschien, het is niet waar
Maar kijk slechts in de krant:
In Duitschland is het voor elkaar
En het moreel houdt stand.

Jongstleden bij een luchtaanval,
Gewapend met viool
Kwam een beroemde kunstenaar
Ook in het schuilriool.

En op verzoek van het publiek
Heeft hij wat voorgespeeld
En wie er in de kelder zat
Die heeft zich niet verveeld.

Die hoorde niet de bommenval
En niet de luchtafweer
Vergeten waren zorg en angst,
De wereld bestond niet meer.

Vergeten waren moord en brand,
Men hoorde slechts het spel
Vergeten was de werkelijkheid,
Vergeten was de hel.

Het stuk, dat hij ten beste gaf:
Van boeiende geweld
Of het de “Feuerzauber” was,
Men heeft het niet vermeld.

Het was toepasselijk wel geweest
In ’t brandende Berlijn,
Men weet, het was een reuze feest,
Een vlammenzee-feestijn.

Ook de “Paukenschlag-Symphonie”
Was toen wel op z’n plaats,
De bommen en de luchtafweer
Hadden nogal veel praats.

Misschien dacht hij ook bij zichzelf
Of ik een “Schlager” speel?
“Berlin wackelt” was zeer bekend
En is thans actueel.

De krant schrijft, dat het schuilpubliek
In ban gehouden werd,
Ik geloof bijna, men is belust
Op ’t volgend schuilconcert.

Transcriptie: Thilo von Debschitz