1e jaargang, nr. 5, pagina 9
1e jaargang, nr. 5, pagina 10

cover / inleiding inhoudsopgave

Koning Boris

De Hitlerpers lijkt wat nerveus
Teveel al dekte toe men
En thans stierf Boris mysterieus
En men moet het verbloemen.

Ik weet niet of vergif of schot
Aan hem ontnam het leven,
In elk geval was er veel mot,
Anders was hij gebleven.

Zwaar in de put denkt vriend Adolf,:
“Benito en thans Boris!”
Ik geloof, dat die ongeluksgolf
Voor hem geen mooi gehoor is.

Hij zit gedoken in elkaar
Vol donkere gedachten
Het is een zwart ongeluksjaar,
Men kan nog veel verwachten!

In Sofia is zijn vriend Filof
Belast met duitsche zaken
En moet, het is een reuze sof
Een kind tot koning maken

Die Filof is geen filosoof
Hij is filo fascistisch,
Is deelgenoot in moord en roof
En anti-bolsjevistisch.

En de Bulgaarsche vrijheidsheld
Verdreven en verbannen
Een strijder tegen bruut geweld
Voorbeeld voor alle mannen

In Moskou hij als balling zucht
Denkt aan zijn balkanlandje,
En toch ruikt al morgenlucht,
Wat is er aan het handje?

Hij weet dat Hitler het verloor
En Filof zal verdwijnen.
Bevrijdingsklank verneemt zijn oor,
Een nieuwe zon zal schijnen!

Er komt een dag, dan gaat het kind,
De laatste telg der tsaren
En op dien dag komt aan ’t bewind
De grootste der Bulgaren.

Transcriptie: Thilo von Debschitz