1e jaargang, nr. 8, pagina 2
1e jaargang, nr. 8, pagina 3

cover / inleiding

Antwoord aan de „Kriegsmarine“

De Nederlandsche zeekrijgshelden,
Tromps en De Ruyters glansfiguren
Moeten het momenteel ontgelden,
En krijgen heel wat te verduren.

Vreemdelingenlegioensroutine
Herleeft nog eens in oude glorie
Men ronselt voor de ‘Kriegsmarine’
En maakt misbruik van de historie.

‘Wien Neêrlands bloed…’ tracht men te lokken
In dienst te gaan op duitsche booten,
Zij zullen met hun leven dokken
Voor de belangen van despoten.

Men spreekt van Neêrlands zeebelangen
Voor ‘zeegezinde Neêrlands zonen’
En tracht hiermee een volk te vangen,
Toch Nederland laat zich niet honen

Het vaart voor vrije Nederlanden
En tegen vreemde Kriegsmarinen
En pleegt verzet met hand en tanden
Om onder vreemde vlag te dienen.

Historisch lijkt het eigenaardig,
Hoe Duitschland zonder zeeverleden
In staat zich zelve acht en waardig
Als Zeevaartsleeraar op te treden.

Doet maar geen moeite meer U Heeren,
Die kunt U zich gerust besparen,
Wij hoeven niet van U te leeren,
Wij gaan straks voor onszelve varen.

Transcriptie: Thilo von Debschitz