1e jaargang, nr. 16, pagina 10
1e jaargang, nr. 16, pagina 11
1e jaargang, nr. 16, pagina 12

cover / inleiding inhoudsopgave

Spandoeken

Heeft u van toen nog wel onthouden
Hoe men u in de vorige strijd
De Duitse zege had verzekerd
En stelde: u bent kogelvrij?

En dagelijks las men, wij gaan winnen,
Maar toch mislukte het compleet
En Duitsland heeft de strijd verloren.
Jammer, dat u zo snel vergeet!

Want had u niet zo’n slecht geheugen,
Dan zou u parallellen zien
En zou u er niet meer aan twijfelen
Dat men ook nu de strijd verliest.

De onzin die u dagelijks aanhoort
Is dan niet meer besteed aan u,
Dan ziet u ook: precies als destijds,
Precies hetzelfde, toen en nu.

En zeker zijn er ook verschillen:
Men praat niet zo vrijuit als toen,
Nee, toen kon men gewoon vrij spreken
Maar wie het waagt dat nu te doen,

Die valt ten prooi aan de Gestapo,
Die valt ten prooi aan Himmlers drift.
Vandaar is er zo’n goeie stemming,
Want ieder houdt zijn mondje dicht.

De stemming is nu echt uitstekend,
Voor wie ‘t van buitenaf beziet,
De grondtoon is: wij zullen winnen,
Precies datzelfde, oude lied.

U wordt verplicht te demonstreren
En doet u ’t niet, vergaat ’t u slecht,
Nu prijkt als kernspreuk op het spandoek
Zeer koen en koppig: ‘Nun erst recht!’

Die spandoeken, die moet u dragen,
Al is ’t vertrouwen nog zo klein,
Naar buiten toe mag men niet klagen,
Welnee, ‘Der Sieg wird unser sein‘.

En ‘wij zijn trouw aan onze Führer,
Al zijn de tijden nog zo zwaar’
Toch als men doen kon, wat men wilde,
Dan was ’t met deze leuzen klaar.

Toch moeten wij ’t geduldig dragen
De spandoeken en al het leed,
Men draagt de Führer zonder klagen
Tot er een betere tijd aanbreekt.

Vertaling: David Pieters