1e jaargang, nr. 18, pagina 2
1e jaargang, nr. 18, pagina 3

cover / inleiding

Het onderwater cabaret

Zorgvuldig houdt men het verstekt,
Men wenscht niet, dat men het ontdekt
Want vindt men het, vriend geloof het maar,
Dan was men werkelijk de sigaar.

Ja al hetgeen hier wordt gezegd
Bevalt de Duitsche heeren slecht
Het OWC vertelt cordaat
Steeds en altijd waarop het staat,

Is onbeïnvloed door censuur
En onderdaan aan geen bestuur
Staat niet onder Seyss-Inquarts duim
Is vrij van N.S.B.’er schuim,

Is onafhankelijk en is vrij,
En alles is hem eenerlei
Gekleurd is het in vrijheidstint
Ja, het is tamelijk rood gezind.

Is bode van een nieuwe tijd,
Die het met ongeduld verbeidt,
De lezerkring waarvoor het werkt,
Is wel zeer klein thans en beperkt,

Maar men begrijpt het is geen tijd
Voor al te groote ruchtbaarheid
Doch wie tot nu is abonnée,
Is met het OWC tevrêe

Men weet het wel, een andere krant,
Waar het ook zij in Nederland
Kan aan zijn lezers bieden niet,
Hetgeen het OWC U biedt.

En toch hoop ik heel binnenkort,
Dat zijn bestaan geëindigd wordt
Want als er eindelijk komt de vrêe,
Verdwijnt direct het OWC.

Natuurlijk dus dat men begeert,
Het worde gauw gelikwideerd,
Gewillig sterft dan met veel pret
Het Onderwater-Cabaret.

 

 

[Lesung: Sjors Houkes]

Transcriptie: Thilo von Debschitz