2e jaargang, nr. 22, pagina 14
2e jaargang, nr. 22, pagina 15
2e jaargang, nr. 22, pagina 16

cover / inleiding inhoudsopgave

Nazischemering

De Krim in Duitsche handen beteekent een springplank van onschatbare waarde bij een ommekeer in het verloop der operaties in het Oosten. – 21/3 44

Na de ontruiming van Odessa door de Duitschers is de positie van de Roemeensche en Duitsche divisies op de Krim moeilijker geworden en de roode legerleiding heeft daarvan gebruik gemaakt om een groot offensief te ontketenen waarbij ditmaal in afwijking van vroeger niet alleen over het schiereiland van Kertsj wordt geopereerd, maar ook over de landengte van Perekop en het bruggehoofd van Sjiwass. – 13/4 44

Als men Moskou mag gelooven, is de verovering van de Krim door de roode troepen een buitengewoon zacht eitje. Volgens de berichten, die Stalin de wereld inzendt, stort de weerstand van de Duitsche troepen zeer snel ineen en is de bezetting van het geheele schiereiland nog maar een kleinigheid. Te Berlijn voorspelt men, dat deze roode verwachting beschaamd zal worden, al geeft men toe, dat de beteekenis van het schiereiland natuurlijk wel gedaald is door de komst van de Sovjettroepen. – 15/4 44

Even deed de snelle roode opmarsch een critieke situatie ontstaan, maar men slaagde er in tijdig de Duitsch-Roemeensche troepen in de stellingen te concentreeren rondom Sebastopol. Of en hoe lang Sebastopol gehouden zal worden, hangt af van de strategische noodzakelijk- en mogelijkheden. – 19-4-44

Er moet nu worden afgewacht of de bolsjewisten erin zullen slagen, Sebastopol binnen afzienbaren tijd te veroveren. Uitgesloten is dit niet, daar niemand weet, of de Duitsche legerleiding aan het bezit van de stad nog eenige waarde hecht. – 9-5-44

Hoofdkwartier van den Fuehrer, 10 Mei (D.N.B.) – Het opperbevel van de weermacht deelt mede: In het kader van onze distancieeringsbewegingen werden de puinhoopen van de stad Sebastopol ontruimd. De berichten uit Tokio geven toe dat het verlies van Hollandia een ernstige tegenslag is. De geallieerden beheerschen nu ter zee en in de lucht de Bismarck-archipel. Bovendien is Hollandia een zeer bruikbare luchtbasis voor aanvallen op de Phillippijnen. Tusschen Madang en Hollandia zijn pl.m. 60000 Japanners geïsoleerd. Meer Oostelijk op Nieuw-Guinea en in den Bismark-archipel zijn naar schatting 80000 Japanners afgesneden en onder controle van de overmacht der geallieerde zee en luchtstrijdkrachten. – 29-4-44

De Amerikaansche vloot schijnt alle krachten te mobiliseeren om de operaties in den Stillen Oceaan verder te ontwikkelen, hetgeen ook blijkt uit den aanval op Sabang. Japan wacht er slechts op, aldus de woordvoerder, dat de vijand verblind door de schijnbare aanvangsuccessen, dieper in de val loopt, die voor hem is opengezet. – 3-5-44

Dankzij de kanonnen van de Sovjets
Simserimsimsimsimsim
Gaan veel bolwerken verloren vandaag,
Nu hebben jullie ook de Krim verloren,

Die als springplank gold,
Werd razendsnel ontruimd,
Geestelijk voelen jullie een kilte
Veel dromen zijn uitgedroomd.

Nooit zullen jullie de Kaukasus
En de Wolga weer zien,
Ook jullie gele vriend in Azië
Lijkt het niet goed te gaan.

Gelijke broeders, gelijke epauletten,
Gelijke plannen, gelijke doelen,
En vandaag zijn het gelijke nederlagen
En hetzelfde treurspel.

Nieuw-Guinea, Kerch-engte
En nu ook Sebastopol,
Overal zijn er vandaag zware gevechten
En jullie voelen je niet goed.

Wie het laatst lacht, lacht het best,
Ze troost jullie het DNB,
Maar uiteindelijk zal jullie in het westen
Zeker het grootste leed treffen.

Ja, in het westen en het oosten
En het noorden en het zuiden,
Staan jullie vandaag nog op wacht,
Maar met angst en beven.

Want vandaag is het uitzicht erg somber
Vanuit de Duitse uitkijktoren,
Af en toe hoort men gefluister
Over “de stilte voor de storm”.

En de nazi‘s worden bevangen door angst
En de nazi‘s zijn ontsteld
Door de naderende onweersbuien,
Want ze weten dat het voorbij is.

Blij en ongebroken klinkt
Het hanengekraai van de nabije toekomst:
Hitlers vonnis is geveld
En de wereld zal weer vrij zijn!

Post-editing: Eleonore A. Speckens