2e jaargang, nr. 26, pagina 17
2e jaargang, nr. 26, pagina 18
2e jaargang, nr. 26, pagina 19

cover / inleiding inhoudsopgave

De Burgerschrik

Wat nu in onze kranten over de Sovjet-Unie geschreven word, is slechts bevestiging en onderstreping van wat men voor 1941 in alle Nederlandsche kerken en vergaderzalen kon vernemen. Hebben al die pastoors en dominees al die jaren lang onzin verteld? Of is hun tegenwoordige houding tegenover het bolsjewisme onzinnig? Een van de twee. Zij weten drommels goed dat het geen onzin is wat over Rusland geschreven wordt! Zij weten echter ook dat als zij dit thans openlijk erkennen dat dit bepaalde consequenties voor hen meebrengt, waar ze niet aan willen! Daarom zwijgen zij of zij suggereeren dat het “niet-meer-zo” erg is, maar in hun binnenste vertrouwen zij erop dat dank zij de legers van Adolf Hitler het gevaar wel van hun bed verwijderd zal blijven! Deze leidslieden en hun napraters als de Hengelosche blokletter-anonymus verdienen eigenlijk dat het bolsjewisme de overwinning zou behalen. Dan zouden zij anders piepen! Wij mogen het hun echter niet toewenschen, want het leven van ons volk en de toekomst van onze kinderen is er mee gemoeid. Zoover zal het echter ook niet komen, daarvoor staan de Germaansche soldaat en zijn Europeesche strijdmakker borg. Het afweerfront is ver terug verlegd, doch de militaire kracht van Germanje en Europa is verbruikt noch verslapt. Het is de kracht van een strak ineengerold stalen veer, die op het juiste oogenblik met onweerstaanbaar geweld zal terugspringen en de overwinningsdroomen van het Kremlin stukken zal slaan! – 4-4-44

En als de kwaaie communisten komen,
Zal het met elke brave burger slecht gaan,
Dan wordt hem alles, war hij bezit, afgenomen
Zijn huis, zijn goud en elk recht,

Ja nog erger, men confisqueert de vrouwen,
Ze worden algemeen eigendom,
In Rostock, Buxtehude en in Plauen
Was iedereen stil van schrik.

De kinderen komen in opvoedingsgestichten,
Men neemt ze gewoon van hun ouders af,
Verdwenen zijn dan alle toekomstdromen,
Het wordt’n tijd van roof en moord.

In die tijd krijgt men niet meer te eten,
En uiteindelijk sterft men nog van de honger,
Het Duitse ongeluk zou niet te meten zijn,
Zou Duitsland ooit rood worden.

Overdag en ‘s nachts voelt men zich niet veilig,
Men beeft voortdurend voor de G.P.U.,
Die zal dan bij ons aanvallen als Blücher
En sterven zouden ik en jij.

Voor alle Duitse winkels staat men in de rij,
Maar het is de vraag of men nog iets krijgt,
En jullie waren toen allemaal vreeslijk bang,
En wensten maar dat alleen Hitler zou winnen.

Men bouwde een propagandamuur
Om elk braaf Duits burgerbrein,
Maar deze muur houdt niet eeuwig stand,
En sommigen zien dat je je kunt vergissen.

Waar ze jullie eens bang voor wilden maken,
De nood, de dood, het ongeluk en de nacht,
Alles wat de bolsjewieken eens zouden brengen,
Heeft Adolf Hitler jullie gebracht.

Jullie wilden jullie ondergang vermijden,
Maar jullie middel hiervoor was verkeerd,
Jullie hebben het land het ergste lijden
En hebben de wereld de oorlog gebracht.

Als vandaag de kwaaie bolsjewieken komen,
Kan jullie zeker niet veel meer gebeuren,
Want wat jullie hadden, is jullie al lang afgenomen,
En grondig, dat moet men toegeven …

Post-editing: Kurt Gerhard Funke