2e jaargang, nr. 33, pagina 10
2e jaargang, nr. 33, pagina 11
2e jaargang, nr. 33, pagina 12

cover / inleiding inhoudsopgave

Kleine Repliek aan XXX

Nu echter, in het vijfde oorlogsjaar, zijn wij gelukkig in staat een ander licht op ons Volk te laten schijnen. Wij behoeven ons niet langer blind te staren op het overigens nog steeds doerziekende “koloniale waren-complex”, sinds tienduizenden jonge Nederlanders vrijwillig naar de fronten in het Oosten en Westen zijn getrokken en daar de bewondering en de lof van de beste aanvoerders ter wereld hebben geoogst, nu tienduizenden Nederlandse boeren, en landarbeiders van hoofd en hand in het Vaderland en elders den wil toonen om het noodlot te dwingen. Dat is weer het Germaansche volk van Piet Hein, Jan de Witt en de Ruyter. Hun dapperheid en offervaardigheid wascht de blaam van het “koloniale waren-complex” van ons Volk af. Om hen als kern zal zich langzaam maar zeker het beste -d.w.z. het idealistische – deel van ons Volk verzamelen. zij zullen het type van den nieuwen Nederlander bepalen en de toekomstige grootheid van ons volk waarborgen. Tot hen echter, die verslaafd aan hun ongeneeslijk “koloniale waren-complex” naar de Sinterklaas-booten van Churchill en Roosevelt blijven uitzien, tot hen zij Multatuli’s woord gericht: “Stik in de koffij en verdwijn!” – 7-7-44

Uit den lezerskring.
Carbonade-complex.
Als vanzelf komen wij ertoe nog eens door te borduren op het thema “Koloniale waren-complex”, dat wij in ons blad van gisteren aansneden. Naar aanleiding van onze beschouwing over de Nederlandsche Cultuurweek ontvingen wij namelijk een briefkaart uit  Oldenzaal met de volgende opmerking: “Verrek met je kultuur, geef ons liever een varkenscarbonade!”
Multatuli’s “Stik in de koffij en verdwijn!” (Zie ons blad van gisteren) varieerend, zouden wij J.O. willen toevoegen: “Verslik je in een carbonadebotje en verdwijn”. Want kerels als hij maken ons volk te schande, hoogstens kunnen zij parasiteeren op wat anderen door strijd en arbeid presteeren, maar voor den opbouw hebben wij niets aan deze lieden. Moge ons Volk dezen predikers van het carbonade-evangelie spoedig den trap geven dien zij verdienen. – 8-4-44

NSBe-Krantenkoeli,
Gij citeert maar “Moeltatoeli”,
Gij laat mij waarachtig schrikken.
Ik zou in de koffij stikken?!

’t Is niet leuk van je, van Nierop.
En tot antwoord geef ik hierop
Zeg me even, hoe dat gaat,
Want er is slechts – surrogaat.

Er bleef slechts “klaroen” en “Pitto”,
Met de thee, daar liep het dito,
Melk en boter, spek en kolen,
Alles door den Mof ontstolen,

Nederland moet hongerlijden,
Dat zijn Hitlers nieuwe tijden,
Alles schaarsch en even duur
En jij smoest nog van “cultuur”.

Jullie cultureele dragers?!
Nimmer nog bestond iets lagers,
Moord en roof en barbarisme,
Zijn de daden van ’t fascisme,

Heusch een varkenscarbonade
Doet daar heel wat minder schade.
Ik zeg ook: Had je ze maar,
Heusch, van Stierkop, reken maar.

Neen, wij hebben geen behoefte
Aan “Koeltoer” van jouw geboefte,
Gij hebt zeker niets te klagen,
Maar het volk met leege magen

Wil pas van cultuur iets weten,
Als het volk wat krijgt te eten,
Maar jou wenscht het, naar me dunkt:
VERZUIP SPOEDIG IN JE INKT!!

Driekruis antwoordt:
Cor Beek, Almelo. – Mijn compliment voor je vlot en vermakelijk vers! Jammer dat je zulke banale opvattingen verkondigt, anders zou ik je gaarne als gelegenheidsdichter in den staf mijner medewerkers opnemen. – Tw. Nwsbl. 17-7 44

Transcriptie: Thilo von Debschitz