2e jaargang, nr. 34, pagina 6
2e jaargang, nr. 34, pagina 7

cover / inleiding inhoudsopgave

„En jullie hebben toch gewonnen!“

(zie Titelbladmontage)

De nazi‘s kennen allen
De graal van het hakenkruis,
Daar voor de Feldherrnhalle
Het zwarte ere-monument.

Van de Rijn en de Neckar
Trekt het bezoekers aan,
Het is een tweede Mekka
Voor iedere Hitler-man.

Daar liggen ze, degenen die sneuvelden
Bij de eerste greep naar de macht,
Ooit dienstbaar aan Adolf‘s doelen
Rusten ze in diepe nacht.

Het zijn de heilige doden
Van de NSDAP.
En deze nazioten
Doet vandaag geen tand meer pijn.

Ze liggen daar en hebben
Een prachtig monument gekregen,
En er staat ingegraveerd:
„En jullie hebben toch gewonnen!“

Als een eenzame getrouwe
Op een hakenkruis,
Houdt een lammergier de wacht
En elke dode is blij,

Dat hij in de koele grond
Voor Adolf Hitler ligt,
Hij zegt om het uur tegen zichzelf,
Ik heb toch gewonnen!

Ook in ‘18 was het gewonnen,
Alleen door schuld van het thuisland
Is jullie de overwinning ontglipt
En vol ongeduld

Zagen jullie de nederlaag
Graag gecorrigeerd,
Dus heeft tot vandaag
Adolf jullie begeleid.

Jullie zijn slechte verliezers,
Jullie hebben het niet door,
Ook vandaag gaat het met de Führer
Op zijn best.

Jullie zullen gauw overwonnen zijn,
Maar als jullie onderworpen zijn,
Zal opnieuw gezongen worden:
„We hebben toch gewonnen!“

Post-editing: Kurt Gerhard Funke