2e jaargang, nr. 32, pagina 7
2e jaargang, nr. 32, pagina 8
2e jaargang, nr. 32, pagina 9

cover / inleiding inhoudsopgave

Monoloog van de Duce

(ter gelegenheid van de verjaardag van de Badoglio-putsch, 25 juli 1943)

Rome, 26 Juli (D.N.B.).
Mussolini is afgetreden. De Koning-Keizer heeft maarschalk Pietro Badoglio tot zijn opvolger benoemd.

Een jaar is verstreken sinds mijn val,
Een niet bijzonder mooi jaar,
Ik zie vandaag dat het bijna voorbij is,
Dat is heel duidelijk.

De Führer heeft mij wel bevrijd,
Maar het lijkt mij naar mijn mening,
Dat ik vandaag in werkelijkheid
Adolfs gevangene ben.

Ik speel niet meer de grote rol,
Ik ben vandaag een eenvoudige figurant,
Als ik hem geen gehoorzaamheid betoon,
Word ik op de vuilnisbelt gegooid.

Ik ben politiek oud ijzer,
En mijn tijd is allang voorbij,
Ooit wilde ik de wereld verslinden,
En maakte veel misbaar.

En had grote ambities,
Ik was het idool van mijn tijd,
En speelde met landen en kronen,
Dit spel heeft me verheugd.

Zoals andere mannen kegelen,
Heb ik gespeeld met de oorlog,
Ook al vielen de zonen van Italië,
Ik voelde me goed.

En vandaag ben ik een kleine pion,
In Adolf Hitlers schaakspel,
Dit spel duurt niet lang meer,
En hij zal het nooit winnen.

Hij verliest steeds meer stukken,
En zijn veld wordt steeds kleiner,
En ondanks de sporen van ondergang,
Doet hij alsof hij standhoudt.

Maar ik ben vandaag vol pessimisme,
Dat komt doordat ik voel en zie,
Het hakenkruis en het fascisme,
Zijn definitief voorbij.

De As-mogendheden zijn verliezers,
En het gaat razendsnel bergafwaarts,
De toekomst voor mij en voor de Führer,
Herbergt vandaag alleen – het graf.

Post-editing: Sylvia Stawski, Ernst Sittig